Chen Zhao, Co-Director globale macro-onderzoeken bij Brandywine Global
![]() Chen Zhao |
De verkiezingsoverwinning van Donald Trump in de VS zou wel eens tot een economische 'mini-boom' kunnen leiden. De fiscale stimuli die hij heeft gepland, zullen misschien forser uitvallen dan wat de markt verwacht en daardoor misschien voor ongeveer 1,5 % extra groei van het bruto binnenlands product kunnen zorgen. De jaarlijkse economische groei in de States zou hierdoor volgend jaar 3 tot 3,5 % bedragen en in één keer een groei van 2 % in de privésector met zich kunnen brengen. Dit zou op zijn beurt tot hogere rendementen in de VS en een sterkere Amerikaanse dollar kunnen leiden. Hogere rendementen hebben altijd een zelfbeperkend effect, maar een sterkere economie zou hogere financieringskosten en een sterkere munt wellicht beter kunnen opvangen.
Als de groei tot op dat niveau versnelt, zal ook de Federal Reserve (Fed) het tempo van haar rentevoetverhogingen moeten opvoeren om het monetaire beleid meer af te stemmen op het fiscale beleid. De laatste keer dat we getuige waren van de combinatie van een soepel fiscaal beleid en een strak monetair beleid, was in de jaren tachtig van de vorige eeuw, toen president Reagan de belastingen verlaagde en Paul Volker bij de Fed de rentevoet optrok in een poging om een inflatie van meer dan 10 % onder controle te houden. Deze situatie leidde aanvankelijk tot een economische heropleving. Het is daarom niet uitgesloten dat de Amerikaanse economie in 2017 gaat boomen - iets wat amper 2 jaar geleden nog ondenkbaar was.
Wat de zorgen over een meer protectionistisch beleid in de VS betreft, zou het wel eens kunnen dat de nieuwe president niet in staat is om de handel veel in te perken, aangezien dit tot extra inflatie zou leiden. Ongeveer 40 % van de export uit China is voor de VS bestemd en een groot deel daarvan is afkomstig uit productievestigingen met Amerikaanse belangen. Dit betekent dat de kostprijs van deze goederen in de VS nog zou stijgen. We kunnen ons niet voorstellen dat het Amerikaanse Congres dit zou laten gebeuren.
Toch is het niet ondenkbaar dat de protectionistische retoriek van Trump en de gevolgen daarvan het einde van de globaliseringstrend inluiden. Dit zou onder meer de volgende effecten kunnen hebben:
1) Inflatie : Een protectionistisch beleid zou de trend van dalende prijzen die we de afgelopen jaren hebben gezien, kunnen omkeren.
2) Groeicijfers zouden kunnen terugvallen tot een minder geglobaliseerd en meer inflatoir groeiscenario.
3) Bedrijfswinsten zouden een plafond kunnen raken naarmate de kosten stijgen.
Dit betekent dat we in de toekomst misschien zullen worden geconfronteerd met hogere obligatierendementen, een langzamere economische groei en lagere bedrijfswinsten in een wereld waarin de globalisering misschien al haar piek heeft bereikt. Dit zou - na een bescheiden 'boom' kort na de verkiezingen - tot een minirecessie kunnen leiden. Iedere periode van hoogconjunctuur wordt gevolgd door een recessie: we zagen dat in de jaren tachtig al met de 'Savings & Loans'-crisis bij de hypotheekbanken, in 2001 toen de technologiebel barstte en in 2008 toen de vastgoedmarkt instortte. Het is met andere woorden best mogelijk dat Trump een cyclus aan het creëren is. Let dus op voor de mogelijke gevolgen.
De initiële 'mini-boom' kan ook het einde inluiden van de bullmarkt van 30 jaar obligaties - een trend die overigens al zichtbaar was vóór de verkiezing. De volgende tekenen lijken daarop te wijzen:
1) Het is mogelijk dat de schuldenafbouwcyclus die in 2008 begon, ten einde is gekomen. Na de financiële crisis begon de consument in de VS minder uit te geven en meer te sparen, maar nu merken we dat de spaarbedragen van de gezinnen meer in lijn liggen met de inkomensniveaus. Dat betekent dat ze niet zo veel meer sparen. Ze bouwen met andere woorden opnieuw schulden op.
2) Het banksysteem begint intussen meer Amerikaanse dollars voort te brengen en minder reserves aan te houden. De geldvermenigvuldigingsgraad, waarmee wijzigingen in de geldtoevoer ten gevolge van wijzigingen in reserves bij de banken worden gemeten, begint te stijgen. Dit betekent dat de economie in de VS misschien uit de liquiditeitsval geraakt.
3) De kapitaaluitgaven nemen toe.
4) Ook de reële lonen of de productiviteit vertonen een stijgende lijn.
5) Het is best mogelijk dat de nominale groei in China aan het pieken is. In de media blijven vooral negatieve verhalen uit China verschijnen, maar de nominale groei in het land is nog altijd positief en de regering is vast van plan om de economie te blijven stimuleren.
Die vijf trends staan los van de verkiezingsoverwinning van Trump, maar zouden onder zijn presidentstermijn nog kunnen versnellen. We hebben altijd voorspeld dat het rendement van Amerikaanse staatsobligaties tegen volgend jaar 2,5 % zou bedragen, maar de overwinning van Trump heeft dit vooruitzicht in amper één maand tijd al bijna volledig waargemaakt.
Met betrekking tot de opkomende markten (Emerging Markets - EM's), bekijken we de toestand opnieuw in het licht van het nieuwe scenario. Terwijl de protectionistische retoriek geen goed nieuws is voor EM's, zouden de sterkere groei in de VS en de reflatie in China voor extra ondersteuning kunnen zorgen. Bovendien werden veel valuta van opkomende markten na de verkiezing getroffen, waardoor ze momenteel een goede belegging vormen.