ASI: Wat betekent de pandemie voor langetermijnbeleggers?

Sinds de uitbraak van de coronapandemie is de risicopremie op aandelen vergroot, wat deze beleggingscategorie langzamerhand weer interessanter maakt voor langetermijnbeleggers. Toch is het beter om nog te wachten met instappen, tot bijvoorbeeld het aantal patiënten op de Amerikaanse intensieve zorg afneemt.

Craig Mackenzie, hoofd strategische asset-allocatie bij vermogensbeheerder Aberdeen Standard Investments zet in zijn artikel ‘What does the pandemic mean for long-term investors?’ op een rij waar de langetermijnbelegger op moet letten in de huidige coronacrisis.

Hoofdpunten:

De risicopremie voor aandelen ten opzichte van obligaties oogt aantrekkelijk voor langetermijnbeleggers Instapmoment hangt af van de grootte van de economische schade, en hoe het beleggingsklimaat zich ontwikkelt onder invloed van onder andere rente, vraag en inflatie Beleggers kunnen bijvoorbeeld wachten tot het aantal Covid-patiënten op de intensive care in de VS niet langer toeneemt In ieder geval is een stapsgewijze verschuiving van de portefeuille aangewezen Enkele paragrafen uit het volledige artikel:

“In onze pre-Covid-19-prognose was de premiekloof tussen aandelen en staatsobligaties vrij klein. De mogelijke beloning voor het extra risico van aandelen leek vrij bescheiden. Op dat moment stelde onze strategische asset-allocatie een voorzichtige portefeuille voor: minder blootstelling aan aandelen en meer aan staatsobligaties van opkomende markten en Amerikaanse bedrijfsobligaties.

“Nu is de premiekloof erg groot, en dus lijkt meer aandelen in de portefeuille de moeite waard voor langetermijnbeleggers. Maar deze beslissing is niet eenvoudig. We moeten twee belangrijke vragen kunnen beantwoorden voordat we de stap zetten. De eerste is: hoe groot zal de economische schade van de coronapandemie zijn?

“Onze economen denken dat het wereldwijde BBP in 2020 met 8% zal krimpen. Dit is veel meer dan bij de wereldwijde financiële crisis van 2008 en 2009. Maar daarna verwachten onze economen wel een zeer grote opleving van het BBP. Dat herstel kan tegen het einde van dit jaar beginnen en kan uiteindelijk de meeste, maar niet alle, verliezen goedmaken.

“Uiteraard gaat het om slechts een prognose. De recessie kan ook omslaan in een diepe en langdurige inzinking. Dan wordt de winst voor de beleggers kleiner en moeten ze pas verder in de toekomst aandelen kopen. Maar zelfs dan krijgen beleggers nog steeds een beloning voor het nemen van extra risico in vergelijking met staatsobligaties. Deze 'risicopremies' zouden nog steeds aantrekkelijk moeten zijn.

“De tweede vraag is: wat zou een mogelijke ‘regimeverschuiving’ betekenen voor beleggers? Sinds de financiële crisis zijn drie zaken laag gebleven: de rente, de vraag en de inflatie. Maar door de economische schok als gevolg van de wereldwijde pandemie, en door de ingrijpende budgettaire en monetaire stimuli, kan dat beleggersklimaat helemaal omslaan.

“Bij ASI denken we dat er een kans is op deflatie of hoge inflatie, maar dat we uiteindelijk terugkeren naar de huidige situatie van lage rentevoeten en lage inflatie, wanneer deze crisis voorbij is. We krijgen een beter zicht naarmate de crisis vordert, maar in ieder geval zal een soepele asset-allocatie nodig zijn.

“Alles samen dienen er zich vele kansen aan voor beleggers, en misschien nog het meest bij niet-Amerikaanse aandelen. Een herstel van de huidige recessie, voortgestuwd door ongekend grote budgettaire en monetaire stimuli, zou wel eens kunnen leiden tot een jaarlijks rendement op aandelen van 20 tot 30% in de komende twee jaar.

“Voor een langetermijnbelegger kan het geleidelijk verschuiven van een voorzichtige portefeuille naar een meer risicodragende dus verstandig zijn. Een stapsgewijze en dus geleidelijke verschuiving betekent dat beleggers op een 'gemiddeld koersniveau' de aandelenmarkt kunnen betreden. Dit vermindert het risico om te vroeg of te laat te kopen.

“Een goed moment om in te stappen is mogelijk als het aantal Covid-patiënten op de intensive care in de VS niet langer toeneemt. Dat betekent nog niet het einde van de crisis, maar het tij zal dan wel gekeerd zijn. We zullen op dat moment ook een beter idee hebben van de economische schade, de mogelijkheden om de crisis in te dammen en de snelheid waarmee het herstel zich doorzet.”