Falende beleggingsfondsen

In een debat over marktwerking in de beleggingsfondsenmarkt was de consensus dat deze markt niet goed functioneert. Waar gaat het mis en wat moet eraan worden gedaan?

Ter gelegenheid van de presentatie van het boek De Schitterende Eenvoud van Indexbeleggen van Jacques Wintermans werd onlangs een debat gehouden over marktwerking in de beleggingsfondsenmarkt. Een panel van deskundigen ging met elkaar in discussie over de vraag of de consument waar voor zijn geld krijgt.

Functioneert de beleggingsfondsenmarkt naar behoren?
Wintermans vatte de beleggingsfondsenmarkt zo samen: een overvloed aan fondsen, stijgende kosten en in verreweg te meeste gevallen slechte beleggingsresultaten. In Nederland zijn particuliere beleggers alleen al aan beleggingsfondsen ongeveer 800 miljoen euro per jaar kwijt. Er valt hier minimaal een half miljard euro per jaar te besparen.

Tel daarbij op de kosten van andere vormen van beleggen waar geen toegevoegde waarde tegenover staat en het totale bedrag dat kan worden bespaard overstijgt met gemak een miljard euro. Dit maakt het volgens Wintermans een maatschappelijk relevant probleem.

De meeste deelnemers aan het debat waren ook van mening dat deze markt niet goed functioneert. ‘Het feit alleen al dat bij een toename van het aantal aanbieders de prijzen omhoog gaan, dan is er iets heel raars aan de hand’, stelde Jan Maarten Slagter (Vereniging van Effectenbezitters).

Fieke van der Lecq (Nederlandse Mededingingsautoriteit) vroeg zich af of stijgende prijzen bij een groter aanbod inderdaad betekent dat de markt niet werkt. ‘Een Gucci-handtas moet ook minimaal een paar duizend euro kosten, anders werkt het niet.’ Volgens Van der Lecq gaat het bij sommige producten om het verkopen van illusies. Bij beleggingsfondsen misschien ook wel.

Arnoud Boot (Universiteit van Amsterdam) legde uit dat financiële producten fundamenteel andere type producten zijn dan een potje pindakaas. Het zijn producten waar maar incidenteel beslissingen over worden genomen die lange termijn consequenties hebben. Bovendien is er een groot maatschappelijk belang mee gemoeid. Gaat dat niet goed dan moet je ingrijpen en de consument in bescherming nemen.

Waar gaat het mis?
Diverse oorzaken voor het falen van de markt werden aangedragen. Volgens Hanzo van Beusekom (Autoriteit Financiële Markten) informeren en adviseren banken hun klanten alleen over producten waar zij goed aan verdienen. Over producten waar zij weinig tot niets aan verdienen wordt niet gerept.

Jeroen Vetter (SNS Fundcoach) noemde de distributiemacht van de drie grootbanken in Nederland. ‘In Nederland bezitten de grootbanken de consument.’ Wil je in Nederland beleggingsfondsen aan de man brengen dan moet je schapruimte bij de banken kopen. En de banken kijken gewoon naar wie het meeste betaalt.

Wat kan eraan worden gedaan?
Volgens Jacques Wintermans is transparantie noodzakelijk maar niet voldoende. En zal educatie wel wat helpen maar uiteindelijk onvoldoende zoden aan de dijk zetten. Er moet een countervailing power komen die aan de kant van de consument staat. Beleggers, beheerders en adviseurs moeten worden verplicht om enkel in het belang van de klant te handelen. Niemand mag meer commissie ontvangen.

Slagter stelde dat het mis gaat bij de beloning van adviseurs. Die worden nu door de aanbieder betaald. Ze doen dan aan verkoop niet advies. Alleen als de adviseur zich door de klant laat betalen werkt die ook in het belang van de klant.

Volgens Boot moeten we van financiële instellingen niet verwachten dat zij het belang van de klant voorop stellen. Het zijn op winst gerichte ondernemingen die in de private sector opereren. Ze verdienen geld door producten complex en moeilijk vergelijkbaar te maken. De enige manier om in de financiële dienstverlening markten werkend te krijgen is door een bepaalde standaardisatie in producten af te dwingen zodat ze toch eenvoudig te vergelijken zijn.

Helpt het allemaal wel?
Een vraag die tijdens het debat verschillende keren opkwam was of er überhaupt wel iets te doen is aan de problemen in de beleggingsfondsenmarkt. Gaat het uiteindelijk niet om menselijk gedrag en willen mensen niet gewoon in sprookjes geloven?

Jeroen Vetter wees erop dat mensen niet rationeel zijn en inderdaad in sprookjes willen geloven. Het is dan ook maar de vraag of mensen iets als indexbeleggen – dat juist heel rationeel is – wel willen.

Van Beusekom ging hier niet in mee. Hij was het ermee eens dat mensen tot op zeker hoogte behoefte hebben aan spanning en de hoop dat ze een grote klapper gaan maken. Maar het gedrag van mensen is niet iets statisch. Het wordt beïnvloed door wat ze om zich heen zien en horen.

Door de informatie die zij van anderen krijgen. In de beleggingsfondsenmarkt zijn consumenten nu niet in staat weloverwogen keuzes te maken omdat banken en adviseurs ze niet goed voorlichten. Banken kiezen altijd voor actief beleggen. Zij vertellen de klant niet dat hij ook passief kan beleggen. ‘Banken moeten vertellen dat er ook iets anders op de wereld is.’ Van Beusekom stelt dat met betere informatie mensen beter keuzes maken. Ook Jan Maarten Slagter vond dat het goed informeren van klanten wel degelijk zin heeft.

Hendrik Meesman is directeur van Meesman Index Investments (www.meesman.nl). In deze column geeft Hendrik Meesman zijn persoonlijke mening over het betreffende onderwerp. Dit hoeft niet de mening te zijn van Meesman Index Investments. De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Vragen of reacties kunt u mailen naar h.meesman@meesman.nl.