Bedrijven zullen in 2019 nog snel investeren in fiets van de zaak

De verkoop van fietsen zit al enkele jaren in de lift. Bewustwordingscampagnes, verkeersopstoppingen en het veiliger worden van stadscentra zitten daar vast voor iets tussen. In zijn totaliteit neemt de verkoop van zakelijke fietsen jaarlijks toe met ongeveer 2%. Vooral elektrische fietsen kennen een snelle groei. Toch verwacht men in 2018 en 2019 een boost van de verkoopcijfers. Veel heeft te maken met de nieuwe fiscale regels die vanaf 2020 hun intrede zullen doen.

Fietsen

Verhoogde kostenaftrek voor fiets van de zaak

Omdat de wetgever het gebruik van fietsen tracht te stimuleren, kent het een zogenoemde verhoogde kostenaftrek toe. Dit wil zeggen dat de fietskosten voor 120% aftrekbaar zijn. Het maakt hierbij niet uit of het gaat om een klassieke of om een elektrische fiets. Uiteraard zijn hieraan enkele voorwaarden verbonden. In de eerste plaats moet de fiets lineair afgeschreven worden op drie jaar. Vervolgens is er sprake van een onaantastbaarheidsvoorwaarde: de 20% verhoogde aftrek moet op een aparte reserverekening worden geboekt en kan men dus niet uitkeren.

Verhoogde kostenaftrek op de schop

De regering heeft er nooit een geheim van gemaakt dat ze in het kader van de hervorming van de vennootschapsbelasting de verschillende gunstregimes liever kwijt dan rijk is. De verhoogde aftrek voor fietsen zal dan ook verdwijnen vanaf aanslagjaar 2021. Vennootschappen die nog (deels) van de verhoogde kostenaftrek willen genieten, zullen met andere woorden nog snel een aantal fietsen kopen of opknapwerken verrichten. Omdat het voordeel het grootst is bij de duurdere elektrische fiets, wordt vooral bij de verkoop van zo’n e-bikes in 2019 een extra goed resultaat verwacht.

Wel zal het effect vooral voelbaar zijn bij de grotere (buitenlandse) fietsleveranciers. Het fiscaal verschil per fiets is immers niet zo heel groot, waardoor een snellere investering vooral voor grotere firma’s zal lonen. Zij kloppen uiteraard niet aan bij de lokale fietsverkoper maar maken gebruik van hun netwerk waar ze ook van bulkvoordelen mogen genieten. De kleinere zelfstandigen kunnen bovendien ook na 2020 van de gunstmaatregel blijven genieten: de afschaffing is er niet voor werkgevers-natuurlijke personen (eenmanszaken). Het is echter net deze groep werkgevers die wel hun fiets bij een lokale verkoper of via een online fietsenwinkel kopen. Daar zal het effect dan ook veel minder tot niet merkbaar zijn.

De moeite om nog snel een fiets te kopen?

Enkel cijfers kunnen die vraag beantwoorden. Stel bijvoorbeeld dat een bedrijfsleider op 1 januari 2019 een fiets koopt ter waarde van 1.000 euro (incl. btw) en die fiets voor 75% beroepsmatig gebruikt. In dat geval kan de bedrijfsleider nog eenmalig een afschrijving van 347,94 euro boeken in plaats van de 289,95 euro van de twee volgende jaren. Het verschil lijkt klein te zijn, maar weet wel die verhoogde afschrijving in 2019 nog toegepast wordt op een basistarief van 29,58% in plaats van 25% (vanaf 2020). Hierdoor loopt de extra belastingbesparing per fiets op tot iets meer dan drie euro. Voor een eenmanszaak is dat inderdaad misschien niet zo interessant, maar voor grote ondernemingen met enkele honderden fietsen kan het zeker de moeite lonen om een jaartje vroeger het fietsenpark te vervangen. Zeker bij elektrische fietsen die al snel het dubbele kosten, is dat het geval.