Niet alleen aandelen brengen risico's met zich mee

Artikelen Fisher Investments België
Wat aandelen in de eurozone (niet) nodig hebben om te stijgen
Fisher Investments Belgie
Maakt verkopen in mei blij?
Cash aanhouden kan veel geld kosten
Hoe reageren als de volatiliteit toeslaat?
Waarom een politieke impasse goed kan zijn voor aandelen
Afwegingen, risico en realistisch beleggen
Niet alleen aandelen brengen risico's met zich mee
Hoe wereldwijd beleggen kan helpen het single-stock risico te verlagen
Waar reageren de markten het hardst op? Je zou versteld staan…
De politiek kan de ontwikkeling van de markt beïnvloeden
Zeven grafieken waaruit groei blijkt
Enkele handige tips om te beleggen voor uw pensioen
Waarom wereldwijde diversificatie belangrijk is
Een andere kijk op politieke risico's
Wilt u beter beleggen? Koop gewoon de wereld
Het is niet al goud wat blinkt
Sentiment in de eurozone onderschat de realiteit
Beleggersgids over inflatie
Eén – niet eens mysterieuze – reden waarom invoerrechten
de wereldhandel niet kapotmaken
Populisten versplinteren ook de Europese politiek
Waarom verlaagt de ECB de rente?
De digitaks: een storm in een glas water
Hoe moeten beleggers bedrijfswinst interpreteren?
Waarom een krimpende beroepsbevolking niet per se tot stagnatie leidt
Wanneer terughoudendheid of niets doen de beste beleggingsstrategie is
Inzicht in grote bedragen? Eenvoudige wiskunde volstaat

Veel beleggers hanteren merkwaardige criteria bij het selecteren van effecten, zo leert onze ervaring. Hun perceptie van wat veilige en risicovolle activa zijn, is zo’n criterium. Vaak gaan ze ervan uit dat aandelen risicovol zijn omdat hun koers fluctueert, soms zelfs heftig op korte tijd. Daarentegen gaan beleggers er vaak vanuit dat obligaties minder kwaad kunnen omdat hun koers in de regel stabieler is. Hoewel aandelen op korte termijn inderdaad volatieler zijn dan sommige vastrentende effecten, denken we dat de termen volatiliteit en risico niet hetzelfde zijn. Alle beleggingen brengen risico’s mee –– alleen zijn de risicofactoren bij de ene belegging anders dan bij de andere. We denken dat beleggers in vastrentende waarden maar al te vaak alleen maar gefixeerd zijn op volatiliteit en dat ze de risico's van obligaties te laag inschatten. Een van die risico's zullen we hier nader toelichten, namelijk het wanbetalingsrisico: het risico dat de debiteur geen rente betaalt of de hoofdsom niet terugbetaalt.

We moeten eerst goed begrijpen dat niet alle vastrentende effecten dezelfde kenmerken vertonen. Aan alle schuldbewijzen is een risico op wanbetaling verbonden, ongeacht of de emittent een staat, een lokaal overheidsorgaan, een bedrijf, een supranationale instelling of een andere entiteit is. Maar de grootte van het wanbetalingsrisico varieert. Staatsobligaties –– zoals schuldpapier van de meeste grote landen in de eurozone (denk aan Franse Obligations Assimilables du Tresor, Duitse Bunds, Italiaanse staatsobligaties, Spaanse staatsobligaties, Britse gilts, Amerikaanse Treasuries, Canadees staatspapier en schuldinstrumenten van andere ontwikkelde landen) –– hebben in de regel een erg laag wanbetalingsrisico.
Risicosbeleggen
Daarom is de rente op dergelijke staatsobligaties meestal relatief laag en zijn hun koersen minder volatiel dan die van andere vastrentende effecten. Aangezien het wanbetalingsrisico lager is dan dat van andere obligaties, vragen beleggers daar minder compensatie voor. En omdat ze zijn uitgegeven door relatief stabiele overheden, is hun koers niet zo volatiel als aandelenkoersen.

Dat geldt echter niet voor alle staatsobligaties. Weinig beleggers zullen Griekse staatsobligaties over één kam scheren met bijvoorbeeld Duitse bunds, hoewel ze allebei in euro luiden. Doordat Griekenland een verleden heeft van wanbetalingen en onbetrouwbare overheidsfinanciën (het land werd vanaf 2010 financieel ondersteund via noodleningen van het Internationaal Monetair Fonds/de Europese Unie/de Europese Centrale Bank) is het wanbetalingsrisico veel hoger. Hetzelfde geldt voor veel opkomende markten, zoals Argentinië en –– een land dat onlangs in het nieuws kwam –– Turkije. Daardoor moeten deze landen meer rente betalen om beleggers aan te trekken. Eind juli bereikte de rente op 10-jarige Turkse staatsobligaties een duizelingwekkende hoogte van 18,1% i. De rente op 10-jarig Grieks staatspapier bedraagt 3,9% ii. Om het contrast duidelijk te maken: de Duitse en Franse 10-jarige rente sloten in juli af op respectievelijk 0,4% en 0,7%iii. Hoewel andere factoren als inflatie en monetair beleid ook van invloed kunnen zijn op de rente, legt het feit dat het wanbetalingsrisico van Turks en Grieks schuldpapier hoger wordt ingeschat, veel gewicht in de schaal. We menen dat deze redenering vooral opgaat voor de situatie in Turkije tijdens de afgelopen zomer. Het land wordt immers geconfronteerd met enorme economische problemen die verband houden met politieke gebeurtenissen, waardoor de Turkse lira sterk is teruggevallen ten opzichte van andere valuta's.

De rente op bedrijfsobligaties is meestal hoger, vooral omdat het wanbetalingsrisico van bedrijven hoger is. High-yield-bedrijfsobligaties (ook wel ‘junk bonds’ genoemd) hebben een zeer hoge rentevoet –– en zijn even volatiel als aandelen –– omdat dergelijke emissies een nog hoger wanbetalingsrisico met zich meebrengen. Dat verklaart waarom ze vaak ‘junk bonds’ worden genoemd.

Het is volgens ons essentieel om dit te weten als u een obligatiebelegger bent. Denk niet dat vastrentende waarden altijd veilig zijn. Het cruciaal om in te schatten hoe de markten de solvabiliteit van de emittent percipiëren. Hoe pakken we dat aan? Kijk naar de huidige rente. Deze kunt u berekenen door de jaarlijkse rentebetalingen te delen door de huidige koers van het effect.

Hieronder volgt een hypothetisch voorbeeld van hoe de huidige rente kan worden berekend en waar we die huidige rente voor gebruiken. Laten we veronderstellen dat u een bedrijfsobligatie met een oorspronkelijke hoofdsom van EUR 1.000 en een vaste rente (coupon) van 4% kunt kopen. (Die 1.000 euro, ook wel de nominale waarde genoemd, is het bedrag dat de obligatiebelegger naar verwachting van de emittent zal ontvangen op de vervaldatum van het effect). De jaarlijkse rente-inkomsten bedragen dus EUR 40 per effect (4% van EUR 1.000). Laten we vervolgens aannemen dat dit hypothetische effect op de markt verhandeld wordt tegen een koers van EUR 1.050. Om de huidige rente te berekenen, moeten we EUR 40 delen door EUR 1.050 (de prijs die u zou moeten betalen om het te kopen). De uitkomst is 3,81%. Aangezien u meer moet betalen dan u zult ontvangen wanneer de emittent de hoofdsom terugbetaalt, is het rendement dat u zou ontvangen lager dan de vaste rente van het effect.

Onveiligebeleggingen

Op basis van dit gegeven kunt u de rente vergelijken met die van gangbare bedrijfsobligaties. De rente van bedrijfsobligaties uit de eurozone van gemiddelde kwaliteit (met een rating BBB van het toonaangevende ratingbureau Fitch of Baa2 van Moody's ) sloten de maand juli af op 1,4% iv. De rente van ons hypothetische effect wijst dus op een iets hoger wanbetalingsrisico dan het marktgemiddelde. Als u een vastrentend effect tegenkomt dat een veel hogere rente biedt dan effecten van vergelijkbare emittenten (bedrijven, overheden enz.) die in dezelfde valuta luiden, is dat niet per se een positief kenmerk. Het kan wijzen op een hoger wanbetalingsrisico. Op voorwaarde dat er voldoende handel is in het effect, denken we dat de markt bijzonder efficiënt de algemeen heersende opvattingen over het wanbetalingsrisico van vastrentende effecten kan weerspiegelen.

Diversificatie is een geschikte manier om u in te dekken tegen het wanbetalingsrisico. Uit ervaring weten we dat obligatiebeleggers heel vaak hun portefeuille concentreren door omvangrijke aantallen schuldeffecten te kopen - ofwel van dezelfde obligatie, ofwel van verschillende emissies van dezelfde emittent. Het is daarentegen belangrijk om te spreiden op het vlak van schuldenaar, type emittent en andere factoren. Naar onze mening kunt u op die manier rekening houden met het wanbetalingsrisico, dat vaak over het hoofd wordt gezien.

Fisher Investments België is de handelsnaam die Fisher Investments Luxembourg, Sàrl in België gebruikt ("Fisher Investments België"). Fisher Investments Luxembourg, Sàrl, een in Luxemburg geregistreerde besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (Ondernemingsnummer: B228486), is gereguleerd door de Commission de Surveillance du Secteur Financier ("CSSF") en de statutaire zetel is geregistreerd op K2 Building, Fabryki Mebli Forte 1, 2a rue Albert Borschette, Troisième étage, L-1246 Luxembourg. Fisher Investments België besteedt sommige aspecten van het dagelijks beleggingsadvies, van het portefeuillebeheer en van de transacties uit aan haar dochterondernemingen. Meer specifiek zal de voorbereiding van rapporten met betrekking tot de geschiktheid van de beleggingen gedeeltelijk uitgevoerd worden door Fisher Investments Europe Limited, handelend onder de naam Fisher Investments UK ("Fisher Investments UK"), en zal de dagelijkse besluitvorming over de portefeuillestrategie uitgevoerd worden door Fisher Asset Management, LLC, handelend onder de naam Fisher Investments ("Fisher Investments"). De transacties kunnen worden verricht door Fisher Investments België, Fisher Investments UK of andere dochterondernemingen.

Beleggen op de financiële markten brengt een risico van verlies met zich mee en er is geen garantie dat het belegde kapitaal geheel of gedeeltelijk terugbetaald zal worden. Rendementen uit het verleden bieden geen garantie voor toekomstige rendementen en geven daar geen betrouwbare indicatie van. De waarde en opbrengst van de beleggingen volgen de schommelingen van de wereldwijde aandelenmarkten en van de internationale wisselkoersen.

_____________________________________________________ Bron: FactSet, per 17/8/2018. Rente op Turkse 10-jarige staatsobligaties op 31/07/2018.
Bron: FactSet, per 17/8/2018. Rente op Griekse 10-jarige staatsobligaties op 31/07/2018.
Bron: FactSet, per 17/8/2018. Rente op Duitse en Franse 10-jarige staatsobligaties op 31/07/2018.
Bron: FactSet, per 17/8/2018. ICE BofA Merrill Lynch Euro Corporate BBB Index , rente op 31/7/2018.